Was getekend… voorbij de grenzen van het papier

Vorige week schreef ik al een blog over hoe de tekenkunst zich de laatste tijd ontwikkeld heeft van een liggend, horizontaal medium, naar een verticaal medium dat steeds vaker staand wordt geproduceerd en als (groot) werk aan de muur wordt gehangen. Daarbij lijkt het alsof de tekenkunst enkel een verandering van plat naar staand en van klein naar groot heeft gemaakt. Maar niets is minder waar. Vanaf het eind van de 20ste eeuw zie je dat de tekenkunst ook steeds vaker haar traditionele grenzen van het papier verlaat. Tekenkunst kan een verscheidenheid aan verschijningsvormen aannemen, zoals ik ook in deze blog wil laten zien.

Installatie Monika Grzymala, Galerie Crone (Berlijn) 2013, beeld: Monika Grzymala’s 3D Tape Drawing Explodes onto the Walls of Galerie Crone — Colossal (thisiscolossal.com)

Ruimtelijke tekeningen

Met behulp van 5 kilometer zwarte tape trok de Poolse kunstenaar Monika Grzymala lijnen tussen de verschillende muren van Galerie Crone in Berlijn. Het werk heeft iets weg van een visuele explosie, doordat het plakband letterlijk uit elkaar lijkt te zijn gespat tegen de muur. Grzymala noemt haar werk zelf ‘Ruimtelijke tekeningen’. Met deze werken vraagt de kunstenaar zich af ‘wat tekenkunst kan zijn’, ‘hoe een tekening de interactie aan kan gaan met het publiek’ en ‘hoe een tekening los kan komen van haar traditionele drager: namelijk het witte vel papier.’

Fritz Panzer, Hommage an Nam June Paik, 2010, draadsculptuur, beeld: Galleria Alberta Pane | Fritz Panzer

Ook de in Wenen wonende kunstenaar Fritz Panzer maakt ruimtelijke tekeningen. Hij tekent replica’s van meubels en objecten op ware grootte met behulp van zwarte draad. Hoewel zijn werken ruimtelijk zijn, herinneren ze – vanwege hun verschijning als contouren – direct aan lineaire tekeningen. Kunstcriticus Sarah Heigl noemt ze dan ook ‘Walk in Drawings’. Net als bij een tweedimensionale tekening moeten we de ruimte tussen de lijnen in onze geest denkbeeldig invullen. Hoewel de tekeningen driedimensionaal zijn, lijken ze – zeker hier op de foto – en vanwege het gebruik van zwarte draad – plat. Pas wanneer men er omheen loopt is op te merken dat ze ruimtelijk zijn.

Dewi de Vree en Jeroen Uyttendaele, Ground, beeld: Ground – Jeroen Uyttendaele & Dewi de Vree – Expressive Madness (wordpress.com)

Getekend geluid

In mijn blog ‘was getekend… geluid’ beschreef ik onder andere het werk van de Nederlandse geluidskunstenaars Dewi de Vree en Jeroen Uyttendaele. Hun project Ground bestaat uit een audiovisuele performance waarbij grafiettekeningen worden ingezet. Met de tekeningen kunnen ze hun zelfgemaakte elektronische instrumenten besturen. Grafiet is namelijk een geleider voor elektriciteit en door over het grafiet te bewegen kunnen ze de toonhoogte en de klankkleur van de instrumenten regelen. De tekening fungeert hierdoor als een soort abstracte partituur. De tekeningen zelf moeten niet bekeken, maar bespeeld worden.

Wim Delvoye, beeld: Tentoonstelling « Wim Delvoye » – Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (fine-arts-museum.be)

Drager

De tekenaar kan ook voor andere dragers kiezen. Zo tekende Wim Delvoye op varkens (onder narcose), om de huid – na hun dood – te exposeren. Er loopt inmiddels zelfs een wandelende Delvoye rond: de Oostenrijker Tim Steiner, wiens huid inmiddels al verkocht is aan de kunstverzamelaar Rik Reinking, die Steiner drie keer per jaar levend mag exposeren en het recht heeft om hem na zijn overlijden te laten looien. Op Delvoyes tekeningen staan meestal symbolen uit de westerse iconografie weergegeven: zoals het Louis Vuitton-monogram of personages uit Disney-films. Delvoye verlegt regelmatig de grenzen in zijn werk: zowel op ethisch gebied, maar ook door ambachtelijke technieken op een onconventionele manier in te zetten.  

Claire Harvey, Sticky Water (fragment uit grotere serie), 2015; acrylverf op plakband (Scotch), foto: Sandra Mackus (gemaakt tijdens de tentoonstelling Line Up, Centraal Museum Utrecht 2018)
Claire Harvey, Sticky Water (fragment uit grotere serie), 2015; acrylverf op plakband (Scotch), foto: Sandra Mackus (gemaakt tijdens de tentoonstelling Line Up, Centraal Museum Utrecht 2018)

Een andere tekenaar die op minder controversiële dragers werkt is de Engelse kunstenaar Claire Harvey. Zij werkt met verf op minuscule stukjes tape, post-its of stukjes glas. Ze zijn bijna te klein om in eerste instantie opgemerkt te worden. Je moet er als kijker met je neus bovenop gaan staan, om haar humorvolle en realistisch getekende werken te bekijken. Ze tekent mensen in zwart-wit. Ze reageert met haar voorstellingen vaak op de ondergrond van haar werk, zoals een spijker in de muur of op de kleefgum die door het transparante glas te zien is. Doordat ze vaak op doorzichtige dragers tekent, gaat de ondergrond waarop het werk wordt geëxposeerd deel uitmaken van het werk.  Zo veranderde de witte muur in het werk Sticky Water, waarvoor Harvey –  speciaal voor de tekententoonstelling Line up in het Centraal Museum in Utrecht – meer dan honderd figuurtjes op plakband tekende, in een grote waterplas.

Werk Martijn Aerts, beeld: Martijn loopt naar Rome, met tekeningen die zichzelf tekenen | NPO Radio 1

Materiaal

Niet alleen de drager maar ook het tekenmateriaal en -proces kunnen afwijken van de traditie. Al eerder beschreef ik het werk van de Nederlandse kunstenaar Martijn Aerts (zie: was getekend… de wandelende tekenaar), die zichzelf een ‘tekenmachinist’ noemt. Zo had hij speciaal voor zijn pelgrimstocht die hij in 2016 van Reims naar Rome te voet aflegde, een machine bedacht. In zijn backpack had hij drie tekenmachines gestopt, die uit kokers of containers bestonden, waarin een systeem van elastiekjes, magneten en veertjes zat, waaraan een potlood was verbonden. Bij iedere stap die hij zette, tikte een potlood tegen het papier. Zodoende heeft hij letterlijk zijn weg naar Rome getekend: de werken zijn een fysieke vertaling van zijn reis.

The Dufala Brothers, Tic Tac Toe, 2015, beeld: The Dufala Brothers | Tic Tac Toe (2015) | Artsy

Ook het multidisciplinaire kunstenaarsduo The Dufala Brothers heeft een machine ingezet voor het maken van een tekening. In een video is te zien hoe een bulldozer met behulp van een stuk gipsplaat in zijn grijper – die dienst doet als een krijtje – een spelletje boter, kaas en eieren speelt. De machine dient als intermediair, maar volgt nauwkeurig de bewegingen van de bestuurder. Alledaagse en eenvoudige handelingen worden door The Dufala Brothers uitvergroot en overdreven. Terwijl het spelen van een potje boter, kaas en eieren zeer eenvoudig is, wordt het de speler bemoeilijkt door het spelletje met een bulldozer te moeten spelen.

Ceal Floyer, Taking a line for a walk, 2008, beeld: Walk the Line | IMAGE OBJECT TEXT

Die absurditeit is ook terug te zien in het werk van de Britse kunstenaar Ceal Floyer. Voor haar werk Taking a line for a walk heeft ze een kalkwagen ingezet (die normaal gesproken op een tennisveld wordt ingezet om lijnen aan te brengen). In dit werk verwijst ze met een knipoog naar Paul Klee’s opmerking dat: ‘a line is a dot that went for a walk’. Met behulp van de kalkwagen heeft ze een continue lijntekening aangebracht in een galerieruimte. Waar de lijn in een tekening meestal een bepaalde functie heeft, is deze hier doelloos en schijnbaar willekeurig aangebracht.

Susan York, Drawing Center New York 2018, foto: Sandra Mackus

Grafieten sculptuur

De Amerikaanse kunstenaar Susan York gebruikt het materiaal grafiet niet alleen om op papier te werken, maar ook als een sculpturaal medium. Ze maakt hiervoor gebruik van fijn grafietpoeder, dat ze in een vuurvaste (keramieken) mal stopt. Door deze mal vervolgens op hoge temperatuur te bakken, wordt het materiaal samengeperst tot een harde vorm. De ruwe vorm die hierbij ontstaat wordt door York bewerkt en gepolijst totdat er een glad, glinsterend object ontstaat. York is gefascineerd door overgangen tussen tweedimensionale en driedimensionale materialen en vraagt zich af hoe ze tweedimensionale vormen driedimensionaal kan maken en driedimensionale vormen, tweedimensionaal. Een materiaal dat voorheen uitsluitend voor tekeningen werd gebruikt, is plotseling een middel voor driedimensionale sculpturen geworden.

Wat is tekenkunst?

Een aantal jaren terug vond er tijdens de jaarlijkse Drawing Now Art Fair een discussie tussen de conservatoren van verschillende tekencentra plaats. Zij gaven aan dat, nu papier niet langer het criterium is om een werk als tekening aan te merken, het lastig is om de hedendaagse tekenkunst te definiëren. Want: moet ieder werk waarin gebruik wordt gemaakt van lijnen of sporen dan als tekening worden opgevat? Of kan pas van een tekening worden gesproken als de kunstenaar het zelf als tekening ziet? En is een werk dat zich op het grensgebied tussen sculptuur en tekenkunst begeeft, geschikt om in een tekencentrum te exposeren? Het zijn vragen waar curatoren die zich met hedendaagse tekeningen bezighouden, mee te maken krijgen en waar voorlopig nog geen eenduidig antwoord op te geven is. 

De diversiteit aan uitingsvormingen maakt het lastig om tot een omsloten definitie van de hedendaagse tekenkunst te komen en de grenzen van wat wel en wat niet als een tekening kan worden beschouwd, aan te geven.